Het gebruik van krukken

Op deze pagina geven we u informatie over het lopen met krukken.

Hoe stelt u een kruk in?

Uw fysiotherapeut zal samen met u de juiste hoogte van de krukken instellen. Als u geen fysiotherapeut heeft, kunt u de hoogte van de kruk bepalen door rechtop te staan en de armen ontspannen naast u te houden. Stel de kruk zo in dat het handvat ter hoogte van de pols is, daarna gebruikt u de vergrendelpin om deze hoogte in te stellen.

Hoe loopt u met krukken?

U heeft informatie ontvangen hoeveel u op uw been mag steunen. Dit bepaalt hoe u met de krukken moet lopen.

Onbelast lopen

U mag geen grondcontact maken met uw voet. U moet met twee krukken lopen. U houdt tijdens het lopen continu uw voet van de grond.

  • Zet de krukken tegelijk naar voren (ongeveer een staplengte en voldoende uit elkaar zodat u er tussen past).
  • Steun op de krukken en spring net voorbij de krukken.
  • Zet vervolgens beide krukken weer naar voren.

Aantippend belasten

U mag uw voet tijdens het lopen neerzetten maar mag er 0 kg of 10 kg steun op nemen zoals met u besproken is (zie afbeelding I). U moet met twee krukken lopen, probeer de voet goed af te wikkelen tijdens het lopen.

  • Plaats beide krukken gelijktijdig met het aangedane been naar voren (ongeveer een staplengte en voldoende uit elkaar zodat u er tussen past).
  • Steun volledig op de krukken, zorg dat de voet de grond raakt (0 kg of maximaal 10 kg steun nemen zoals besproken) en zet het goede been er een staplengte voorbij.

Herhaal de voorgaande handelingen. U kunt eventueel een weegschaal gebruiken om te voelen hoeveel 10 kg is.

Gedeeltelijk / partieel belasten

U mag bij benadering 50% van uw lichaamsgewicht steunen op uw aangedane been. U moet met twee krukken lopen.

  • Plaats beide krukken gelijktijdig met het aangedane been naar voren (ongeveer een staplengte en voldoende uit elkaar zodat u er tussen past).
  • Probeer 50% op de krukken te steunen en 50% op het aangedane been.
  • Zet vervolgens het goede been er een staplengte voorbij.

Herhaal de voorgaande handelingen.

U kunt eventueel een weegschaal gebruiken om te voelen hoeveel 50% is (dus de helft van uw lichaamsgewicht).

Belast lopen

U mag binnen de pijngrenzen 100% op uw aangedane been steunen. U gebruikt de krukken ter ondersteuning. Afhankelijk van de pijn, loopt u met 1 of 2 krukken.

Met 2 krukken Met 2 krukken samen (zie afbeelding I): U gebruikt 2 krukken indien u nog moeilijk loopt of veel pijn ervaart. Hierboven staat beschreven hoe u met 2 krukken kunt lopen. De mate van steun nemen bepaalt u zelf afhankelijk van de pijn die u ervaart. Met 2 krukken kruislings (zie afbeelding II): U gebruikt 2 krukken wanneer u weinig pijn heeft, maar nog niet zonder krukken kunt lopen of wanneer u slecht loopt. U tilt gelijktijdig het aangedane been en de tegengestelde kruk op en zet deze gelijktijdig neer. Vervolgens tilt u het goede been met de andere tegengestelde kruk op en zet deze gelijktijdig neer. Herhaal de voorgaande handelingen (de linker kruk gaat gelijktijdig met het rechter been, de rechter kruk gaat gelijktijdig met het linker been).

Met 1 kruk U gebruikt hierbij de kruk aan uw goede zijde. Dus wanneer u last heeft van uw rechter been neemt u de linker kruk. Plaatst het aangedane been met de kruk tegelijkertijd naar voren. Zet vervolgens het goede been er een staplengte voorbij. Herhaal de voorgaande handelingen.

Opstaan en gaan zitten in een stoel

Opstaan

U kunt de krukken aan uw onderarmen laten bungelen door de handvatten los te laten. Zo heeft u beide handen vrij om u mee op te drukken vanaf de armleuningen, de zitting of het bed.

Gaan zitten

Zorg dat u met uw benen de stoel of het bed voelt waar u op wilt gaan zitten. Zoals bij opstaan is beschreven laat u de krukken bungelen aan uw onderarmen en ondersteunt u zich met beide handen aan de armleuningen, de zitting of het bed.

Traplopen

(Afbeelding 3) Neem de trapleuning vast met uw ene hand. De kruk die u niet gebruikt pakt u erbij in de hand waarmee u de andere kruk vasthoudt. Pak de kruk evenwijdig aan het handvat (heeft u geen trapleuning dan gebruikt u twee krukken). 

Trap op

U plaatst eerst het goede been naar boven op de traptrede. Daarna trekt u de kruk(ken) en het aangedane been bij.

Trap af

U plaatst eerst de kruk met het aangedane been naar beneden op de traptrede. Zet daarna het gezonde been erbij.

Een drempel doet u hetzelfde maar dan met twee krukken in de hand, deze krukken verzet u gelijktijdig. 

Aantippend belasten
Afbeelding 1
Lopen met krukken
Afbeelding 2
Traplopen met krukken
Afbeelding 3