Verlies van een kind tijdens de zwangerschap of rond de bevalling
Niets is aangrijpender dan de geboorte en de dood, het begin en het einde van het leven. Wanneer een kind voor de geboorte, tijdens de bevalling of kort daarna overlijdt, vallen deze gebeurtenissen samen. Dit gebeurt ook als een gewenste zwangerschap wordt afgebroken vanwege afwijkingen. Alle toekomstverwachtingen zijn plotseling verloren.
Het ouderschap begint voor veel ouders steeds vroeger. Vaak al vóór de zwangerschap praten en fantaseren twee mensen erover hoe hun leven straks zal veranderen. Echoscopisch onderzoek maakt hun baby al zeer vroeg in de zwangerschap zichtbaar. Zo ontstaat al snel een band.
Veel zwangere houden in de eerste drie maanden rekening met een miskraam, maar ze weten dat de kans dat het daarna misgaat erg klein is. Vanaf de vierde maand wordt de zwangerschap dan ook steeds meer realiteit en durven de aanstaande ouders intenser te genieten. Toch overlijdt nog ongeveer één op de honderd kinderen tijdens het verdere verloop van de zwangerschap of rond de bevalling.
Deze informatie is bedoeld voor ouders die hun kind tijdens de zwangerschap of rond de bevalling verliezen. Ook het afbreken van een gewenste zwangerschap omdat het kind een ernstige aangeboren afwijking heeft of om andere medische redenen, wordt besproken. Zowel praktische als emotionele zaken komen aan bod.
Deze brochure is bedoeld als ondersteuning naast gesprekken met mensen uit uw eigen omgeving. Familie, vrienden en kennissen kunnen deze brochure ook lezen. Eerst worden een aantal begrippen besproken. Daarna gaan wij in op de periode rond het slechte nieuws en de bevalling.
Tot slot bespreken we de verwerking van dit ingrijpende verlies op langere termijn. Aan het eind vindt u in een apart bestand (PDF) namen en adressen van enkele organisaties die u misschien behulpzaam kunnen zijn. Ook vindt u titels van boeken over dit onderwerp. In de literatuur is het verlies van een kind een regelmatig terugkerend onderwerp.
Enkele begrippen
Doodgeboorte
Doodgeboorte is de geboorte van een kind dat is overleden tijdens de zwangerschap (intra-uteriene vruchtdood) of rond de bevalling.
Zwangerschapsafbreking na prenatale diagnostiek
Prenatale diagnostiek is onderzoek tijdens de zwangerschap naar mogelijke aangeboren afwijkingen bij het ongeboren kind. Ouders die voor de keuze komen te staan om de zwangerschap af te breken in verband met een ernstige aandoening of afwijking van hun ongeboren kind, verliezen daarmee meestal een zeer gewenst kind. Het verdriet en de verwerking van het verlies zijn vergelijkbaar met dat van ouders van wie het kind levenloos geboren wordt of kort na de bevalling overlijdt. Daarom wordt in deze brochure geen verschil gemaakt tussen deze situaties.
Ongeloof, ontkenning, verdoving
De meest gehoorde reactie van ouders wanneer zij te horen krijgen dat hun kind overleden is of een ernstige afwijking heeft, is: ‘Dat kan niet waar zijn!’, ‘Dat overkomt ons toch niet?’ Ouders willen en kunnen zich niet realiseren, dat dit kind niet meer leeft, niet levensvatbaar is of een zeer ernstige afwijking heeft. Dit gevoel van ongeloof en ontkenning is een normale reactie die qua tijdsduur voor iedereen verschillend kan zijn.
Zoeken naar een schuldige; woede en protest
Ouders gaan op zoek naar een oorzaak of schuldige voor de dood van hun kind; de arts, de verloskundige, hun partner, de werkgever, maar ook het kind of zijzelf. Ook kan hun boosheid zich richten op een hogere macht (God, het Noodlot). De vraag naar het ‘waarom’ staat op de voorgrond. Niet zelden hebben vooral vrouwen een gevoel van schuld of tekortschieten. Het is heel belangrijk deze gevoelens te uiten bij vrienden, familie en hulpverleners: dat lucht vaak op. Bespreekbaar maken van gevoelens helpt om verder te kunnen in het rouwproces
Hevig verdriet
Bijna alle ouders hebben intens verdriet met gevoelens van wanhoop en leegte. Ze zijn bezig met het beeld van hun overleden kind en met het verlies van alle toekomstverwachtingen. De emoties van intens verdriet zijn een gezond, natuurlijk en noodzakelijk onderdeel van het rouwen. Niet zelden treden ook lichamelijke of psychische klachten op zoals verderop in deze brochure beschreven. De uitgerekende geboortedatum, bij de ‘verjaardagen’ van het overlijden, of bij de geboorte van een kind in de nabije omgeving blijven vaak gepaard gaan met verdriet.
Het verloop van het rouwproces
Het verlies van een dierbare en zeker een eigen kind vraagt meestal een lange en intensieve rouwperiode. Verdriet uit zich bij ieder mens verschillend; er bestaat geen algemene manier van rouwen. Het is belangrijk dat u dit verdriet bij Uzelf toelaat, het durft te ervaren en het met elkaar en met anderen uit uw nabije omgeving deelt.
Dit alles heeft tijd nodig. Eerst moet u de realiteit van het verlies aanvaarden. De pijn zal eerst heel hevig zijn, maar gaandeweg aan scherpte verliezen. Langzamerhand krijgt uw kind een eigen plaats en u kunt het geleidelijk loslaten. Er komt weer ruimte voor andere mensen, andere bezigheden en plannen voor de toekomst.
Het slechte nieuws
De mededeling
Vaak komt het slechte nieuws als een donderslag bij heldere hemel. Bij de zwangerschapscontrole blijkt de arts of verloskundige de hartslag van het kind niet te kunnen vinden. Soms is er een periode van minder leven geweest, of had u het gevoel dat er iets niet in orde was. Echoscopisch onderzoek laat dan zien dat het hartje inderdaad niet meer klopt. Ook slecht nieuws als uitslag van prenataal onderzoek komt vaak onverwacht. Al werd het onderzoek gedaan in verband met een verhoogd risico op een kind met een erfelijke aandoening of aangeboren aandoening of afwijking, de meeste aanstaande ouders gaan er (meestal terecht) van uit dat de uitslag wel gunstig zal zijn.
Voor iedereen is de mededeling een heel grote schok. In een gesprek met een gynaecoloog krijgt u voor zover mogelijk meteen informatie over de oorzaak van het overlijden en de gang van zaken bij de bevalling. Soms is de oorzaak niet direct vast te stellen en wordt verder onderzoek verricht om aanwijzingen te vinden voor de doodsoorzaak. Ook wordt soms vruchtwateronderzoek naar een chromosoomafwijking gedaan. Bij een ongunstige uitslag van prenatale diagnostiek gaat de gynaecoloog in op de gevonden afwijkingen en de gevolgen daarvan.
Het horen van het slechte nieuws roept uiteenlopende gevoelens op. De eerste reactie is er vaak een van ongeloof, zoals al eerder beschreven. Sommige ouders voelen zich in een soort shocktoestand, alsof ze verdoofd of verlamd zijn: zij kunnen of willen zich niet realiseren dat het kind inderdaad dood is of een ernstige afwijking heeft. Dit is een onbewuste bescherming tegen al te grote ellende. Anderen voelen misschien meteen boosheid en opstandigheid of voelen zich schuldig tegenover het kind of hun partner.
Hoe verder?
Als er geen medische reden bestaat voor een directe ziekenhuisopname, kunt u wachten tot de bevalling spontaan op gang komt. Hoelang dit duurt, is meestal moeilijk te voorspellen: soms gebeurt het na een paar dagen, maar het kan ook een paar weken duren. Een andere mogelijkheid is het op gang brengen (inleiden) van de bevalling. Voordat dit gebeurt, krijgt u vaak het advies nog enige tijd naar huis te gaan. Zo krijgt u de kans de eerste schok zo goed mogelijk te verwerken in uw eigen omgeving. U kunt beslissen wie u alvast wilt informeren: ouders, uw eventuele oudere kinderen, verdere familie, vrienden of bekenden. Ook kunt u met hen bespreken welke hulp of steun u prijs stelt. Meestal zijn er ook een aantal praktische zaken te regelen, zoals uw werkzaamheden buitenshuis of de opvang van andere kinderen. Het is verstandig ook de huisarts in te lichten (of de verloskundige of gynaecoloog te vragen dit te doen). De eerste tijd na het slechte nieuws is vaak onwezenlijk. In uw lichaam verandert er meestal niets. Sommige vrouwen voelen zich dan ook door hun lichaam in de steek gelaten. ‘Waarom heeft mijn lichaam niet laten merken dat er iets mis was?’ Iedere situatie is uniek en de gynaecoloog geeft uitleg over welk behandelplan in uw situatie wordt voorgesteld
De bevalling
Waarom geen keizersnede?
De eerste (zeer begrijpelijke) reactie meteen na het slechte nieuws is vaak de vraag om ‘zo snel mogelijk het kind eruit te halen’, het liefst via een keizersnede. Het idee om een dood kindje te dragen of een ‘gewone bevalling’ te moeten doormaken is vaak ondraaglijk.
Medisch gezien is een onnodige operatie niet verantwoord. De ervaring leert dat een bevalling via de natuurlijke weg belangrijk is voor het rouwproces. De geboorte beleeft u als werkelijkheid en niet als iets wat u vaag overkomt. Sommige moeders houden aan de bevalling ook het gevoel over écht iets voor hun kind gedaan te hebben. Heel soms zien moeders/ouders toch erg op tegen een bewust meegemaakte bevalling. Goed overleg met de behandelend arts(en) is hier van het allergrootste belang om, indien gewenst, te zoeken naar andere wegen en oplossingen voor het verloop van de afbreking.
Planning van de opname
U heeft met de arts besproken hoe de ziekenhuisopname zal verlopen. De informatie is bedoeld om de gang van zaken rondom het afbreken van de zwangerschap te verhelderen en om u verder te helpen met een aantal praktische zaken. U krijgt 36-48 uur voor de opname een tablet mifepriston (Mifegyne®). Deze neemt u in het bijzijn van de poli-assistente of verpleegkundige in. Sommige patiënten voelen zich na het innemen van deze tablet niet lekker of zijn wat misselijk. U kunt al na inname van deze tablet een wat kramperig gevoel in de buik krijgen. Het innemen van het tablet mifepriston kan voor u een lastig moment zijn.
In het ziekenhuis
Als de bevalling uit zichzelf begint, als u besluit tot een inleiding of als er een medische noodzaak bestaat, wordt u in ons ziekenhuis opgenomen. U bevalt in een kraamsuite. De kraamsuite is een aparte kamer, waar uw partner ook bij u kan zijn.
Het horen of zien van pasgeboren kinderen op een verloskundeafdeling is vaak pijnlijk, maar u krijgt er ook na ontslag uit het ziekenhuis mee te maken.
U en uw partner worden verwacht om 8:00 uur op de Gezinsafdeling van ZorgSaam Ziekenhuis in Terneuzen. Een van onze verpleegkundigen zal u op de kamer opvangen. Daarna is er een gesprek zal plaatsvinden met de verloskundige of arts die u die dag zal begeleiden. In dit gesprek zal alles nogmaals worden uitgelegd en kunt u eventuele vragen en wensen bespreken.
Praktische informatie
- Neem makkelijk zittende kleding mee.
- U hoeft niet nuchter te zijn.
- Uw partner, familielid of dierbare vriend(in) kan gedurende de opname bij u in de kamer verblijven.
- Er is voor één van hen een maaltijdservice.
- Er zijn geen bezoektijden voor overig bezoek.
- U kunt zich op de kamer vrij bewegen.
- Toilet en douche zijn in uw kamer.
- Een verpleegkundige, een arts en verloskundige begeleiden u tijdens uw opname.
- We werken in drie diensten: dag-, avond- en nachtdienst. Wij proberen het wisselen van verpleegkundigen, verloskundigen en/of artsen tot een minimum te beperken.
Als de weeën worden opgewekt gebeurt dit door middel van vaginale tabletten (Misoprostol). De bevalling kan binnen 24 uur plaatsvinden, maar twee dagen wachten is niet ongebruikelijk. Vooral bij een korte zwangerschapsduur kan het een enkele keer nog langer duren. Dit betekent niet dat u de hele tijd pijnlijke weeën heeft. Vaak duurt het een tijdje voor ze op gang komen. Over het algemeen krijgt u pijnstillende middelen als u daarom vraagt. Het is belangrijk dat u zelf op tijd aangeeft wanneer de pijn te hevig wordt. Er zijn verschillende middelen om de pijn te verlichten: een injectie (nalbufine) of een epiduraal (ruggenprik). Vaak wordt u van zo’n prik wat slaperig. Bij een epiduraal is het onderste deel van uw lichaam verdoofd, maar u maakt de bevalling bewust mee.
Bij een ingeleide bevalling met prostaglandinen of Misoprostol (Cytotec) verloopt de ontsluiting (het opengaan van de baarmoedermond) vaak anders dan bij een gewone bevalling. Lange tijd lijkt er nauwelijks iets te gebeuren, en dan vrij plotseling is er sprake van volkomen ontsluiting en persdrang. Niet zelden blijft na afloop de placenta (moederkoek) in de baarmoeder vastzitten, zeker als de zwangerschap nog niet zo ver gevorderd was. De gynaecoloog maakt dan de placenta tijdens een (korte) narcose op de operatiekamer los.
De rol van de partner
De partner maakt de bevalling ook mee. Alleenstaande vrouwen kunnen een dierbare vriend of vriendin meenemen. U heeft een eigen kamer waar uw partner ook kan blijven slapen tijdens de hele opnameduur, zodat u tijdens de hele opnameduur bij elkaar kunt zijn. Partners voelen zich soms overbodig, onzeker en ook machteloos. Naast hun eigen verdriet moeten zij toezien hoe hun geliefde pijn lijdt. Mannen denken soms dat zij de sterke figuur moeten zijn, maar het is belangrijk dat ook zij hun emoties tonen en delen.
Overlijden van uw kind tijdens de bevalling of kort daarna
De dood van een kindje tijdens de bevalling is, net als het overlijden tijdens de zwangerschap, een onverwachte gebeurtenis. Soms is de zwangerschapsduur te kort, en is het kind niet levensvatbaar. In andere gevallen is er sprake van een medische complicatie die niet goed te voorzien of te voorkomen was. Als de zwangerschap voorspoedig verliep, is dat wel het laatste wat u verwacht had.
Het contact met uw overleden kind
Kennismaken en tegelijkertijd afscheid nemen: er is geen situatie te bedenken waarbij dit meer speelt dan bij de geboorte van een levenloos kind. U heeft maar weinig tijd om beelden en herinneringen vast te leggen. De hulpverleners in het ziekenhuis zullen u hierbij steunen. ‘Als je zwanger bent, denk je toch niet na over dit soort dingen? Je weet echt niet wat nou allemaal belangrijk en wat mogelijk is.’
Het zien en vasthouden van uw overleden kindje is een van de mogelijkheden om samen dierbare herinneringen te maken. ‘Je kunt ’t maar één keer doen en overdoen is niet meer mogelijk. Daarom is het goed om hierover van tevoren te praten om alles te doen zoals jij dat wilt. Dan kun je daar later ook geen spijt van krijgen.’
De meeste ouders vinden achteraf dat hun kind er in werkelijkheid mooier uitzag dan zij hadden verwacht. Dat het kind bijvoorbeeld haartjes en nageltjes heeft, maakt diepe indruk en ontroert zeer. Veel ouders genieten ervan in het kind gelijkenissen te zoeken met zichzelf of hun andere kinderen. Vaak leidt dit ondanks het grote verdriet tot een gevoel van trots. Ook als uw kind zichtbare afwijkingen heeft, kunt u het vasthouden of aanraken. U zult achteraf toch proberen u een voorstelling te maken en meestal is de werkelijkheid minder erg dan verwacht. Veel ouders die het aanvankelijk eng vonden, vertellen achteraf dat hun gevoel positiever werd, naarmate zij hun kind langer bekeken. Soms zijn er gemengde gevoelens, al heeft het zien van het kind voorkomen dat zich ergere fantasiebeelden opdrongen. ‘Je gaat toch naar de mooie dingen van zo’n kindje kijken, en die hou je in gedachten.’
Als een kind enkele dagen overleden is, laat de huid los (maceratie). Ook de schedel is vaak erg slap. Soms is bij het afbreken van een gewenste zwangerschap belangrijk dat u ziet dat de voorspelde afwijkingen er ook echt zijn en dat u dus een ‘goede’ beslissing heeft genomen. Het gebeurt tegenwoordig nauwelijks meer dat ouders hun kind niet zien. Vroeger raadde men het zien vaak af omdat men dacht dat het beter was. Velen hebben daar jaren later nog spijt van.
Enkele mogelijkheden; Het zelf wassen of erbij zijn als de verpleegkundige dat doet. Eigen kleding. een omslagdoek, dekentje, een lievelingssjaal of iets dat u bij de bevalling droeg. Uw kindje kan in een koelwieg of gekoeld mandje bij u op de kamer blijven, een nieuwe methode is de wateropbaring waarbij uw kindje in gekoeld water wordt gelegd. Voorheen werden zeer vroeg geboren overleden kinderen na de geboorte in een dekentje, kistje of bakje gelegd. Hun huid verkleurt dan en wordt donker. Omdat de huid en botten nog niet stevig zijn, vervormt het kindje. De watermethode biedt hier een oplossing voor. Het kindje heeft zijn hele leven in het water geleefd. Dat is de beste omgeving voor de kwetsbare huid.
De voordelen van de watermethode
- De baby neemt de natuurlijke houding aan, de foetushouding;
- De huid wordt lichter, ook als het kindje al donker verkleurd was bij de geboorte;
- Er treedt geen vervorming op;
- Je kunt hele mooie foto’s maken van het kindje in het water;
- Het kindje laten zien aan vrienden en familie is makkelijker omdat het er mooi uitziet, zo kun je echt samen afscheid nemen;
- Je kunt het kindje aanraken zonder het te beschadigen;
- De methode is makkelijk, je hebt er alleen een bakje voor nodig met deksel en water natuurlijk!
Hoe werkt het?
Na de geboorte wordt de overleden baby in een kom of bakje met koud kraanwater gelegd. De baby neemt dezelfde houding aan als in de baarmoeder, hij lijkt te zweven in het water. Het water ververs je elke dag. Het water wordt koud gehouden door koelelementen, ijsblokjes of door het bakje met de baby in de koeling te bewaren. De jonge baby zal lichter van kleur worden. Oudere baby’s houden een mooie roze huid en roze lipjes en nageltjes. Het kindje kan uit het water genomen worden om te worden vastgehouden en geknuffeld. Kijk voor meer informatie op de website van de watermethode: https://www.watermethode.nl/
Uw kindje kan ook (tijdelijk) in het mortuarium verblijven. Het is belangrijk uw gevoel te volgen. Het is goed dat uw andere kinderen en enkele dierbaren uw kindje ook zien. U kunt er later dan gemakkelijker over praten.
Uit onderzoek blijkt dat een kleine groep ouders meer gebaat zou kunnen zijn bij een meer ‘afstandelijke’ manier van afscheid nemen. Zij zijn bang voor de directe confrontatie met hun kind en willen het afscheid op een andere manier vormgeven. Door bijvoorbeeld alleen echofoto’s te bewaren en via schriftelijke mededelingen (geboorte-/overlijdenskaartje, advertentie) aan hun omgeving te vertellen wat er gebeurd is. Ook hier geldt weer (zoals bij de beslissing over de wijze van bevallen) het belang van goed overleg vooraf met medische hulpverleners. Essentieel is dat u als ouders in deze moeilijke omstandigheden die beslissingen neemt die op dat moment ‘goed’ aanvoelen en waarvan er de minste kans bestaat dat u er later spijt van kunt hebben.
Herinneringen
Foto’s
Het maken van foto’s van uw overleden kindje aanvankelijk een raar of eng idee. Toch leert de ervaring dat het goed is foto’s te maken. Foto’s zijn de meest tastbare en kostbare herinneringen. Ouders die vele jaren geleden een kind verloren, vertellen vaak hoe zij deze herinnering missen. Ook wanneer zij hun kind wel gezien hebben, vervaagt het beeld na verloop van tijd.
Foto’s kunnen worden gemaakt met uw eigen camera of mobiele telefoon. Naar wens kan de verpleegkundige deze voor jullie maken. Er kan een fotograaf van make a memory kosteloos foto’s komen maken.
Andere tastbare herinneringen
Steeds meer ziekenhuizen geven u ook andere herinneringen aan uw kindje mee naar huis: een naamkaartje en zo mogelijk een haarlokje. Ook kunnen hand- en/of voetafdrukjes worden gemaakt. Vaak zijn ouders hier nog gelukkiger mee dan met foto’s, omdat zo’n kaartje echt met hun kind in contact is geweest.
Veel ouders maken een herinneringsboek over hun kind. Daarin komen alle tastbare herinneringen, brieven of kaarten, eventueel een dagboek, tekeningen van andere kinderen of nog meer. In ons ziekenhuis hebben wij de memoryboxen van Stichting Hanne.
Een naam
Het is aan te bevelen om uw kind een naam te geven. Zo voorkomt u dat u achteraf over ‘het’ of over ‘de baby’ moet praten. Met een naam wordt het kindje ook voor mensen uit uw omgeving echt uw zoontje of dochtertje. Sommige ouders geven de naam die zij gekozen hadden, anderen bewaren deze naam voor een volgend kind. Zij geven het overleden kind soms een symbolische naam of de naam die zij voor het ongeboren kind gebruikten.
Onderzoek naar de doodsoorzaak
Bij een obductie onderzoekt een patholoog de doodsoorzaak of de afwijkingen van uw kind. De gynaecoloog of kinderarts bespreekt dit onderzoek vooraf. Misschien schrikt u van de gedachte dat in uw kindje wordt gesneden. Maar net als na een operatie wordt de snede netjes gehecht of geplakt. U kunt met de gynaecoloog overleggen of u uw kind nog kunt zien na de obductie. Obductie vindt vanaf 22 weken plaats in Erasmus in Rotterdam.
Een onderdeel van de obductie waarvoor vaak apart toestemming wordt gevraagd, is de schedelsectie. Hierbij kijkt men of er afwijkingen in de hersenen aanwezig zijn. Dit onderzoek is in sommige situaties van belang en wordt afzonderlijk met u besproken. Een ander onderzoek dat ter sprake kan komen, is chromosoomonderzoek. Chromosomen zijn dragers van erfelijke informatie; ze bevinden zich in de celkernen. Bij een levend kindje kunnen chromosomen uit het vruchtwater bepaald worden. Na een intra uteriene vruchtdood is chromosoomonderzoek uit vruchtwater nogal eens moeilijk of onmogelijk omdat de cellen en chromosomen zich in het laboratorium onvoldoende vermenigvuldigen. Dan kunnen chromosomen uit een stukje navelstreng worden onderzocht. Dit onderzoek gebeurt alleen als u daarin toestemt en als de gynaecoloog dit zinvol vindt. U moet er rekening mee houden dat bij weefselonderzoek na een intra uteriene vruchtdood het niet altijd lukt om chromosomen te laten groeien.
De bevindingen van het obductieonderzoek en het eventuele chromosoomonderzoek kunnen u helpen bij het verwerkingsproces. Soms zijn uitkomsten belangrijk voor de kans op herhaling in een volgende zwangerschap. Het onderzoek kan ook bijdragen aan de wetenschap. Het is uw beslissing of u toestemming geeft voor obductie- en/of chromosoomonderzoek. Als u er bezwaar tegen heeft, respecteert iedereen dat.
Babygram
Sommige afwijkingen kunnen niet aan de buitenzijde worden waargenomen. Er kan dan een röntgenfoto van uw kind worden gemaakt. Hierop kunnen bepaalde afwijkingen van het skelet worden gezien.
Bij doodgeboorte wordt vaak geen duidelijke oorzaak voor de sterfte gevonden. Bloedonderzoek, obductie en eventueel chromosoomonderzoek geven dan geen afwijkende bevindingen. Dit geeft gemengde gevoelens: aan de ene kant is er opluchting, omdat het kindje gezond was. Meestal is er dan geen verhoogd risico op herhaling. Aan de andere kant blijft de pijnlijke werkelijkheid van een ‘zinloze’ dood van een gezond kind bestaan.
Wat gebeurt er verder met uw kindje?
Uw kindje mee naar huis?
U kunt uw kindje mee naar huis nemen tot de dag van de begrafenis of crematie. De wet verbiedt dit niet. Het vervoer mag met uw eigen auto gebeuren. U krijgt dan een verklaring van levenloze geboorte of overlijden uit het ziekenhuis mee. U mag uw kindje in uw armen houden of in een reiswiegje vervoeren. Zo kunnen ook mensen uit uw omgeving ervaren dat dit kindje, ook al is het levenloos, écht deel uitmaakt van uw gezin. Als u uw kindje niet mee naar huis neemt, wordt het opgebaard in de rouwkamer van de door u gecontacteerde uitvaartverzorger.
Begrafenis of crematie
Er zijn twee mogelijkheden:
- Een begrafenis of crematie in eigen omgeving. De meeste ouders kiezen hiervoor. Deze gebeurtenis helpt vaak bij de verwerking van uw verdriet: u kunt zo afscheid van uw kind nemen op een manier die bij u past.
- Beneden de 24 weken kunt u ervoor kiezen om de crematie door het ziekenhuis te laten verzorgen. Ouders kunnen daar niet bij aanwezig zijn. Het crematorium neemt contact met u op wanneer de crematie heeft plaatsgevonden en om u te bevragen wat uw wens is m.b.t. tot de as.
Het afscheid
Als u besluit tot een begrafenis of crematie kan een uitvaartverzorger dit voor u regelen, maar u kunt ook zelf contact opnemen met de beheerder van een begraafplaats of crematorium. De kosten zijn dan lager, maar er is wel heel wat te regelen. Vaders vertellen soms achteraf dat dit zelf organiseren hen goed deed. Zo hadden zij het idee ook daadwerkelijk iets voor hun kind te kunnen doen.
Hoe zal het afscheid plaatsvinden? Wilt u samen als ouderpaar alleen zijn of ook anderen uitnodigen? Wilt u een plechtigheid met muziek, toespraken, gedichten lezen en andere rituelen of wilt u het zo eenvoudig mogelijk houden? Bent u gelovig en wilt u een kerkelijk afscheid? Voor steun en adviezen kunt u een dominee, pastoor, imam, humanistisch raadsman of andere geestelijke verzorger inschakelen. Misschien vraagt u zich af of u uw andere kinderen moet meenemen. Meestal is dit aan te raden, zeker wanneer ze ouder dan 2 jaar zijn. Het helpt hen het verlies van hun broertje of zusje als werkelijkheid te beleven en het verlies te verwerken.
Het overlijden van één kind van een tweeling (of meerling)
Bent u in verwachting van een tweeling (of meerling) en verliest u een van de kinderen, dan is dit erg verwarrend en pijnlijk. Rouwgevoelens zijn niet minder dan bij het verlies van een eenling. Vreugde en verdriet lopen door elkaar. Deze emoties gaan niet in enkele dagen over. Steun van familie en vrienden kan snel wegvallen omdat iedereen alle aandacht op het gezonde levende kind richt.
Kosten
Als u een uitvaartondernemer inschakelt, kunnen de kosten voor een begrafenis of crematie variëren. Als u zelf alles regelt, kan het bedrag lager zijn. In sommige uitvaartverzekeringen zijn ook begrafenis- of crematiekosten voor een levenloos geboren kind (gedeeltelijk) meeverzekerd. Ook wanneer slechts één van de ouders verzekerd is. Meestal wordt hiervoor een zwangerschapsduur van minimaal 24 weken aangehouden. Uw verzekeringsmaatschappij of tussenpersoon kan u verder informeren.
Geboorte- of overlijdenskaartje en/of rouwadvertentie
Zeker bij een vergevorderde zwangerschap rekenen mensen op een geboortekaartje. Als dat niet komt, roept dat nogal eens pijnlijke vragen of opmerkingen op. Daarom is het verstandig te laten weten dat uw kindje levenloos geboren is via een kaartje of een overlijdensadvertentie.
U kunt kaartjes laten maken met een afdruk van het handje of voetje erop, met een tekening van andere kinderen of met een tekst die u al in gedachten had.
Wettelijke bepalingen
Uw kind is geboren na een zwangerschap van 24 weken
Elk kind dat levenloos wordt geboren na een zwangerschapsduur van 24 weken moet worden aangegeven bij de Burgerlijke Stand van de gemeente waar de bevalling plaatsvond. Het ziekenhuis geeft een verklaring af waaruit blijkt dat het kind levenloos geboren is. Wanneer de baby na geboorte nog heeft geleefd en daarna is overleden, wordt bij de aangifte zowel een geboorte- als een overlijdensakte opgemaakt.
Als de vader zich daar emotioneel toe in staat voelt, kan hij zelf aangifte doen. Ook iemand anders die aanwezig was bij de bevalling kan aangifte doen; tevens de uitvaartverzorger dit ook voor u doen. Voor kinderen die na 24 weken doodgeboren zijn, geldt een wettelijke verplichting tot begraven of cremeren.
Uw kind is geboren vóór een zwangerschapsduur van 24 weken
Er zijn geen regels; niets is verplicht of verboden. Indien gewenst kan het kind (ongeacht de zwangerschapsduur) worden ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP) hiervoor dient u zelf een afspraak te maken bij uw gemeente.
Steeds vaker wordt een kindje begraven of gecremeerd ook na een korte zwangerschapsduur. De beheerder van de begraafplaats of het crematorium heeft wel een verklaring van een arts nodig waaruit blijkt dat uw overleden kind geboren is vóór 24 weken zwangerschapsduur. Wanneer de baby na geboorte nog heeft geleefd en daarna is overleden, wordt bij de aangifte zowel een geboorte- als een overlijdensakte opgemaakt.
Naam van de vader
Als u niet getrouwd bent, krijgt het kind automatisch de achternaam van de moeder. Het erkennen door vader tijdens of na de zwangerschap geeft u tevens de mogelijkheid om de achternaam van de vader te kiezen.
Het kraambed
Op de afdeling
Meestal gaat u snel na de bevalling weer naar huis, maar soms moet u nog blijven in verband met complicaties zoals te veel bloedverlies, een hoge bloeddruk of een keizersnede. Onze verpleegkundigen hebben ervaring met het begeleiden van ouders in uw situatie. Ook is het mogelijk over uw emoties te praten met een psychosociaal hulpverlener (maatschappelijk werker, geestelijk raadsman/-vrouw).
De verzorging in het kraambed
In principe heeft u ook als u vroeg in de zwangerschap bevalt, recht op kraamzorg, ook al is er geen kindje om voor te zorgen. De officiële regel is dat het gaat om een bevalling waarbij ‘kind en moederkoek apart worden geboren’. Vanaf een zwangerschapsduur van 15-16 weken is dat het geval. Vooral als u nog andere kinderen thuis heeft, is kraamzorg aan te bevelen. De kraamverzorgster kan veel praktisch werk voor u doen. Ook als u alleen met uw partner bent, kan zij steun en hulp bieden. Zo mogelijk kiest het kraamcentrum iemand uit met ervaring met het verlies van een ongeboren of pasgeboren kindje. Sommige ouderparen willen de eerste dagen liever samen zijn en geen vreemden om zich heen hebben.
Klachten in het kraambed
Uw lichaam vertoont de normale reacties na een bevalling: naweeën, vloeien en misschien ook pijn van hechtingen. Na de zwangerschapsafbreking treedt er bloedverlies op. Dit kan twee tot vier weken duren. Het bloedverlies is de eerste dagen ruim als een zeer hevige menstruatie. De daarop volgende dagen tot weken minder wordt het bloedverlies steeds minder. De afscheiding is dan roze en later bruinig van kleur. Gedurende deze periode adviseren wij om niet in bad te gaan of te gaan zwemmen. Douchen is wel toegestaan. Bij langdurig en heftig helderrood bloedverlies adviseren wij u om contact met ons op te nemen. Dit geldt ook bij koorts en heftige buikpijn. Borststuwing na de bevalling zonder kindje om te voeden is een pijnlijke ervaring. Hierdoor voelt u het gemis des te meer. Praat over deze ongemakken met uw verloskundige of huisarts. Zij zullen proberen u te helpen. Ook verpleegkundigen, verloskundigen of de kraamhulp kunnen goede adviezen geven, zoals het dragen van een nauwsluitende beha. De melkproductie wordt dan na enkele dagen minder en houdt daarna op.
De nacontrole in het ziekenhuis
De nacontrole na 3 en 6 weken bij de gynaecoloog is voor veel ouders van een doodgeboren kind een belangrijk moment. Het kan ontspannend zijn om weer over alle feiten en emoties te spreken. Sommigen vinden het fijn om weer naar de vertrouwde plek terug te keren, voor anderen is het juist emotioneel.
We vragen hoe het met u gaat in lichamelijk en emotioneel opzicht. De gebeurtenissen worden nog eens doorgenomen en de gynaecoloog bespreekt de uitslag van de onderzoeken zover al bekend. Helaas is er vaak geen oorzaak voor de doodgeboorte gevonden.
Als de baby na enige tijd na de bevalling overleden is, krijgt u ook een afspraak voor een nagesprek bij de kinderarts. Tijdens dit gesprek worden de gebeurtenissen rond het overlijden nogmaals besproken, evenals de uitslag van een eventuele obductie. Heeft u vragen over de zwangerschap of de bevalling, over uw klachten of over de toekomst, schrijf ze allemaal op. Merkt u langere tijd na de controle dat u toch nog met vragen bent blijven zitten, aarzel dan niet om opnieuw een afspraak te maken met de behandelend arts of de verloskundige.
De arts of de verloskundige bespreekt ook, als u daaraan toe bent, de verwachtingen voor een eventuele volgende zwangerschap. Is er een risico op herhaling van het gebeurde? Is er nog aanvullend onderzoek nodig? Kan de verloskundige de volgende zwangerschap begeleiden of is controle door de gynaecoloog gewenst? Bij een aangeboren afwijking van uw kind wordt u, als dat zinvol is, verwezen naar een arts die gespecialiseerd is in erfelijke aandoeningen en andere afwijkingen (klinisch geneticus).
Thuis zonder kind
De leegte
Waarschijnlijk wilt u zo snel mogelijk na de bevalling naar huis. Sommige vrouwen echter beleven het ontslag uit het ziekenhuis ook als een vertrek uit een veilige omgeving met mensen die weten wat er gebeurd is en die meeleven met het verlies en verdriet.
Soms is het lege huis een beangstigend vooruitzicht. Als mensen uit uw omgeving weinig of geen contact hebben gehad met het kindje begrijpen zij uw intense verdriet soms niet. Daarom is het zo belangrijk hen ook te betrekken bij het afscheid nemen en uw verblijf in het ziekenhuis.
Thuiskomen betekent vaak ook dat u te maken krijgt met de kinderkamer en alle babyspullen. Het is niet goed als anderen al deze voorbereidingen voor uw thuiskomst weghalen. Hoe pijnlijk ook, het is een van de noodzakelijke stappen bij het afscheid nemen. De babyspulletjes opruimen kan altijd nog; op gegeven moment merkt u dat u eraan toe bent. In de tijd na thuiskomst groeit het besef dat u verder moet leven zonder uw kindje.
Vaak komt de moeilijkste periode na de begrafenis of crematie als iedereen om u heen weer doorgaat met zijn gewone bezigheden. Af en toe heeft u het gevoel dat iedereen u, uw verdriet en uw kindje vergeten is. Als u weer boodschappen doet of oudere kinderen naar school brengt, denken anderen nogal eens dat het ook voor u over is.
Als u weer thuis bent, verwacht u terecht steun en troost. Toch vinden familieleden, vrienden en kennissen het soms moeilijk een gesprek te beginnen over het verlies, en soms mijden zij u zelfs. Praat er daarom zelf gewoon over wanneer u daaraan toe bent.
De weken en maanden, misschien wel jaren daarna denken veel vrouwen en hun partners aan hun kindje en alles wat er is gebeurd. Sommige vragen en onzekerheden kunnen steeds weer terugkomen. Aarzel daarom niet om, ook na maanden, weer contact op te nemen met hulpverleners binnen of buiten het ziekenhuis die bij het slechte nieuws en de bevalling betrokken zijn geweest.
Probeer zo goed mogelijk op uw gevoel af te gaan: laat het verdriet toe als dat in alle hevigheid op u afkomt, maar geniet ook van de rustiger momenten. Het is goed om langzamerhand weer de gewone draad van het leven op te pakken, maar laat het geen vlucht zijn, weg van het verdriet. Elke manier om met verdriet om te gaan, is ‘normaal’. Niemand kan u vertellen hoe u zich moet voelen of gedragen. Wel is het altijd goed om aan vertrouwde mensen te tonen hoe u zich voelt. Verdriet delen, maakt het meestal gemakkelijker om ermee om te gaan. Huilen en praten zijn de meest directe en voor de hand liggende manieren om uw gevoel te uiten, maar ook schrijven kan helpen om orde te brengen in soms zeer verwarrende gedachten en gevoelens.
Steeds wisselende en heftige emoties brengen u soms zo in de war dat u denkt dat u gek wordt, maar het is heel normaal dat verdriet, opluchting, schuldgevoel, boosheid en ook gelukkige momenten elkaar afwisselen. Vaak zeggen ouders na verloop van tijd: ik zou zo graag willen dat alles weer was zoals vroeger. Uw leven zonder uw kind zal nooit meer zijn zoals het daarvoor was. Dat hoeft niet negatief te zijn. Veel ouders hebben de ervaring dat zij uiteindelijk door hun verdriet als mens rijker zijn geworden en als paar meer naar elkaar zijn toe gegroeid.
Een vraag die vaak bij u zal opkomen in de eerste periode na het overlijden van uw kind is: WAAROM? Hoe normaal deze vraag ook is, er bestaat geen antwoord op de vraag waarom juist uw kind stierf. Het verdriet verdwijnt niet, maar de pijn wordt minder scherp.
Schuld- en faalgevoelens
Vrouwen geven zichzelf vaak de schuld, vooral als er geen duidelijke oorzaak voor het overlijden of de aangeboren afwijking wordt gevonden. Zij denken dat ze tijdens de zwangerschap iets fout gedaan hebben. Veel vrouwen hebben het gevoel te falen als vrouw, partner of moeder. Het is belangrijk deze emoties met anderen te delen. Sommige mensen wuiven deze gevoelens en gedachten weg om u te beschermen, maar dat helpt u niet. Neem zo nodig contact op met uw huisarts. Na ontslag uit het ziekenhuis kunt u altijd bij een maatschappelijk werker of andere psychosociale deskundige terecht.
Maar het is ook mogelijk dat u anderen de schuld geeft. U heeft dan het gevoel dat er niet zorgvuldig naar u geluisterd is. Bespreek dit met de hulpverlener. Dat voorkomt dat u onnodig uw verdere leven blijft zitten met vragen, onzekerheden en boosheid. Als u een gesprek niet meteen aandurft of aankunt, kunt u ook een brief schrijven om uw gevoelens en vragen alvast duidelijk te maken. Het is dan gemakkelijker om er later in een gesprek op door te gaan. Als deze gesprekken geen rust en duidelijkheid opleveren, kunt u ook de mening van een andere deskundige vragen. U kunt dit met uw huisarts bespreken. Als laatste stap, als u het gevoel heeft dat er echt fouten zijn gemaakt, kunt u een klacht indienen. Ook ons ziekenhuis heeft een onafhankelijke klachtencommissie die uw klacht serieus beoordeelt.
Samen rouwen als ouders
Na de geboorte van een overleden kindje gaat vaak de meeste aandacht naar de moeder. De vader doet meestal de eerste periode het praktische en huishoudelijke werk. Daardoor lijkt hij soms niet zoveel last van verdriet te hebben. Dat is schijn. Vaders lijden meestal net zo onder het verlies als hun vrouw, maar op een andere manier.
Vaders drukken hun emoties nogal eens naar de achtergrond omdat zij vinden dat het steunen van hun partner het belangrijkste is. Dit betekent soms dat zij pas later aan het verwerken van hun verdriet toekomen, op een tijdstip dat hun partner er al veel beter mee kan omgaan. Mannen en vrouwen verwerken het verlies vaak in verschillend tempo en op verschillende manieren. Elk mens reageert op zijn eigen manier. Wees hierover open tegenover elkaar: onbegrip en zich afsluiten voor elkaar of juist elkaar willen beschermen, kan tot onnodige verwijdering leiden.
Mannen vertellen vaak dat zij het moeilijker vinden dan hun vrouw om te praten over hun verdriet. Ze geven de indruk te vluchten in werk, huishouden of nietsdoen om zo hun gevoelens de baas te worden. Soms willen mannen hun vrouw beschermen door maar niet over het kindje en het verdriet te praten. Probeer niet alleen te vertellen wat u voelt, maar ook met elkaar te bespreken hoe u elkaars gedrag beleeft. Dan helpt u het verlies, het verdriet en de leegte samen te dragen. Als u het gevoel heeft er samen niet uit te komen, neem dan contact op met bijvoorbeeld uw huisarts, een maatschappelijk werker of een psycholoog.
Weer aan het werk
Ga zorgvuldig om met de beslissing weer aan het werk te gaan als u een baan heeft. Het is niet ongewoon om het normale zwangerschaps- en bevallingsverlof van 16 weken op te nemen. Meestal is dit goed te bespreken met uw bedrijfsarts, met het UWV of rechtstreeks met uw werkgever. Schakel bij problemen uw huisarts of een hulpverlener van het ziekenhuis in. U kunt overwegen de eerste periode weer ‘op therapeutische basis’ te beginnen: u bepaalt dan zelf wanneer en hoeveel uur u werkt, afhankelijk van hoe u zich lichamelijk en geestelijk voelt.
Voor mannen geldt dat het ook voor hen belangrijk is tijd te nemen voor hun verdriet, maar werkgevers houden daar vaak weinig rekening mee. Voor hen kan werkhervatting dan ook problemen geven als men verwacht dat zij snel weer beginnen. Ook zij kunnen het beste contact opnemen met de bedrijfsarts. Verdriet verwerken kost nu eenmaal meer tijd dan de buitenwereld denkt.
De seksuele relatie met uw partner
Het seksuele contact met uw partner is niet automatisch hetzelfde als voor de zwangerschap. De meeste vrouwen hebben tijd nodig om zichzelf terug te vinden, voordat ze weer echt zin hebben om te vrijen. Voor die tijd hebben ze vooral behoefte aan veel begrip en warme belangstelling van hun partner. Als u weer aan vrijen toe bent, kan een soms geadviseerd gebruik van voorbehoedmiddelen als zeer tegenstrijdig worden beleefd: je voorkomt het krijgen van een kind, terwijl je zoveel verdriet hebt omdat je er een verloor. Ook hier is het belangrijk uw eigen gevoel serieus te nemen en het met uw partner eerlijk en open te bespreken, hoe moeilijk dat soms ook is. Alleen dan kan de ander ook rekening houden met uw gevoelens.
De andere kinderen in uw gezin
Volwassenen en zeker ouders willen kinderen sparen voor pijn en verdriet. Toch merken kinderen, hoe jong ze ook zijn, dat hun ouders verdriet hebben. Hen buiten het verlies houden, kan onzekerheid en schuldgevoel veroorzaken: ‘Heb ik misschien iets fout gedaan waardoor mama zo vaak huilt?’ Meestal hebben broertjes en zusjes meegeleefd met de zwangerschap en uitgekeken naar het nieuwe kindje. Ze gaven bijvoorbeeld kusjes op de zwangere buik, speelden met een pop ‘vadertje –en-moedertje’ of hebben er op school vol trots over verteld. Het is dan ook goed om hen over de dood van hun broertje of zusje te vertellen en hen bij het afscheid te betrekken. Voorlezen uit kinderboeken over de dood en werken in een herinneringsboek kan hen hierbij helpen. Kinderen brengen het onderwerp vaak onverwacht en spontaan ter sprake. Dit kan ook de ouders steunen.
Ook aan zeer kleine kinderen vanaf ongeveer twee jaar kan in simpele woorden worden verteld wat er is gebeurd. Uit onverwachte opmerkingen en tijdens hun spel merkt u dat zij met het dode broertje of zusje bezig zijn en zo het verlies verwerken. Ga zeker hun vragen niet uit de weg.
Denk erover en bespreek met uw (grotere) kinderen of zij misschien iets aan hun broertje of zusje mee willen geven: een knuffeltje, een brief of een tekening in het kistje bijvoorbeeld. Ook bij de begrafenis of crematie is het belangrijk dat er kinderen of volwassenen speciaal voor de oudere kinderen komen. Er bestaan speciale uitnodigingskaarten voor de uitvaart die kinderen zelf kunnen uitdelen.
Familie, vrienden en kennissen
Ouders van doodgeboren kinderen hebben de behoefte aan veel steun van mensen uit hun omgeving. Reacties zijn erg verschillend: lieve en troostende woorden van mensen van wie u die het minst verwacht, en omgekeerd. Zoek vooral contact met mensen die u zeer nabij zijn en die u vertrouwt. Bij hen kunt u ook steeds opnieuw uw verhaal kwijt.
Lotgenoten
Niet zelden hoort u als ouders van een doodgeboren kindje over andere gezinnen die iets dergelijks hebben meegemaakt. Deze lotgenoten kunnen een grote steun zijn: zij begrijpen en voelen vaak beter dan wie ook aan wat u doormaakt.
Misschien wilt u zich nu of op een later tijdstip opgeven voor een gespreksgroep van ouders die een kindje verloren. Meer informatie vindt u in de adreslijst achter in deze brochure of via huisarts/verloskundige.
Lichamelijke en psychische klachten
Lichamelijke en psychische klachten zijn normale uitingen van intens verdriet. Die klachten verschillen van persoon tot persoon. Vaak voorkomende klachten zijn slaapproblemen, eetproblemen, hoofdpijn of buikpijn, onrust (het niet stil kunnen zitten en steeds met iets nieuws bezig willen zijn), voortdurende vermoeidheid en verder ook steeds terugkerende somberheid en huilbuien. Daarnaast zijn er de normale lichamelijke ongemakken na een bevalling. Naweeën, pijn van hechtingen en gestuwde borsten ervaren veel vrouwen als zinloos en extra pijnlijk omdat ze niet verzacht worden door de vreugde van een gezond kindje.
Bijna alle ouders slapen slecht. Als dit te lang duurt, vraag dan een slaapmiddel. U hoeft niet meteen bang te zijn voor gewenning of verslaving. Deze medicijnen zijn niet bedoeld om u te verdoven of uw verdriet te onderdrukken, maar ze kunnen helpen om een einde te maken aan slapeloze nachten. Als u uitgerust bent, kunt u meestal de psychische druk beter aan. Toch hoort het bij de verwerking om huilbuien te hebben en ’s nachts vaak en te dromen over de zwangerschap, de bevalling of jullie kind.
Een volgende zwangerschap
U vraagt zich waarschijnlijk na verloop van tijd af wat nu het goede moment is om weer zwanger te worden. Dat is niet of nauwelijks aan te geven en het ligt voor iedereen anders. Verdriet dat u niet goed verwerkt, is uitgesteld verdriet. Dat kan in verhevigde mate terugkomen na de geboorte van een volgend kindje. Een volgend kindje kan en mag nooit een ‘vervangkindje’ zijn. De belangrijkste vraag die u uzelf moet stellen, is of het overleden kindje een eigen plek in uw leven en gezin heeft verkregen. Heeft u het gevoel dat u met het verlies heeft leren leven of overheerst het gevoel van verdriet nog alles? De tijd die u voor de verwerking nodig heeft, is voor elk ouderpaar verschillend. U kunt dit het beste samen beoordelen.
Puur lichamelijk is er meestal weinig bezwaar tegen een volgende zwangerschap, ook niet op korte termijn. Misschien is het verstandig erover na te denken of uw volgende uitgerekende datum niet mogelijk samen zal vallen met de sterfdag van uw kindje. Sommigen vinden dat moeilijk, anderen hebben er geen problemen mee. Een zwangerschap die volgt op de geboorte van een levenloos kindje is voor elk ouderpaar een spannende periode. Er is geen sprake meer van ‘een roze wolk’.
De spannendste periode is de zwangerschapsduur waarbij het de vorige keer fout ging. Meestal kunt u met degene die uw zwangerschap controleert, bespreken dat u in deze periode wat vaker voor controle komt als u dat wilt. ‘Je verdeelt de zwangerschap in stukjes: eerst de miskraamperiode achter de rug, dan de vruchtwaterpunctie en de uitslag ervan, dan die 38 weken halen…’ De echte rust komt pas als een volgend kindje gezond, huilend en wel in uw armen ligt. Maar met goede begeleiding en steun binnen uw relatie en van mensen om u heen, zult u toch ook van deze zwangerschap kunnen genieten.
Niet alleen een volgende zwangerschap maar ook de geboorte van uw volgende kindje kan bij u alle herinneringen en verdriet om uw overleden kindje weer oproepen. Veel ouders ervaren tijdens een volgende zwangerschap, of alleen al bij de gedachte eraan, schuldgevoelens ten opzichte van het overleden kindje. Dit is begrijpelijk: u wilt immers niet de indruk wekken dat u het kindje vergeten bent. Praat over deze gevoelens of zet ze op papier: het is vaak een opluchting om een brief te schrijven aan uw overleden kindje.
Tot slot
Het verlies van een ongeboren kindje en ook de beslissing een gewenste zwangerschap af te breken, zijn zeer ingrijpende gebeurtenissen. Iedere ouder verwerkt dit op zijn eigen manier.
De laatste jaren is er steeds meer kennis en begrip gekomen voor verdriet rond stil geboorte. Ouders worden steeds meer aangezet hun gevoelens te uiten. Ook in de begeleiding van ouders is veel veranderd. Daarnaast besteden kranten, radio en televisie steeds meer en vaker aandacht aan dit onderwerp. Zo krijgen ook mensen die een dergelijk verlies niet meemaakten er meer oog voor.
Het verlies van uw kind tekent uw leven voor altijd. U zult het kind nooit vergeten. Het is belangrijk erop te vertrouwen dat u dit intense verdriet te boven kunt en zult komen. Uiteindelijk krijgt het zijn eigen plek binnen uw relatie, uw gezin en uw leven. Het belangrijkste is dat u steeds uw eigen gevoel volgt en uw beslissingen neemt. Zo nodig kunnen hulpverleners u hierbij steunen.
Meer informatie
Via onderstaande link (opent in PDF) leest u meer informatie over organisaties die hulp bieden na het verlies van een kind tijdens de zwangerschap of rond de bevalling. Ook geven we u tips om verder te lezen over wat u hebt meegemaakt.
© 2000 NVOG
Het copyright van deze brochure berust bij de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) te Utrecht. Deze brochure is tot stand gekomen onder verantwoordelijkheid van de Commissie Patiëntenvoorlichting van de NVOG. De brochure is goedgekeurd door de Koninklijke Nederlandse Vereniging van Verloskundigen (KNOV) en ook beoordeeld door de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) en de Nederlandse Vereniging van Kindergeneeskunde (NVK).
Leden van de NVOG, de KNOV, de LHV, het NHG en de NVK mogen deze brochure zonder toestemming vermenigvuldigen, mits zij dat integraal, onverkort en met bronvermelding doen.
De commissie Patiëntenvoorlichting van de NVOG is een non-profit instelling die zich toelegt op het formuleren en ontwerpen van kwalitatief hoogwaardige voorlichting op het gebied van de verloskunde, gynaecologie en voortplantingsgeneeskunde. Andere folders en brochures over diverse verloskundige en gynaecologische onderwerpen zijn te vinden op de website van de NVOG: http://www.nvog.nl , rubriek patiëntenvoorlichting.
De basis voor deze folder is de richtlijn ‘Wet en gedragsregels bij (vroege) prenatale sterfte’ van de NVOG (1998).
Auteur: Dr. C. Geerinck-Vercammen
Redacteur: Dr. G. Kleiverda
Bureauredacteur: Jet Quadekker
Juli 2026