Een haarnestcyste (sinus pilonidalis) is meestal gelegen in de bilspleet. Het is een holte onder de huid, met een open verbinding naar buiten. Deze verbinding is te zien als een klein gaatje of een kleine intrekking in de huid. In de haarnestcyste bevinden zich meestal haren. Er kan gemakkelijk een ontsteking in de cyste ontstaan. Ook kan de cyste pijn veroorzaken of vocht afscheiden. Waarom een haarnestcyste bij de ene persoon wel en bij de ander niet ontstaat is niet geheel duidelijk. Boven het veertigste levensjaar komt de aandoening eigenlijk zelden meer voor.

De behandelingsmogelijkheden

Wanneer de haarnestcyste rustig is en er (nagenoeg) geen klachten zijn, kan veelal met regelmatig ontharen en goede hygiëne het gebied rustig gehouden worden. Bij aanhoudende klachten, bij regelmatige vochtafscheiding en bij een ernstige ontsteking kan worden besloten tot een operatie.

De operatie

De operatie kan plaatsvinden onder algehele anesthesie (narcose) of via een ruggenprik. Meestal wordt de ingreep in dagbehandeling uitgevoerd, soms is een opname van enkele dagen in het ziekenhuis verstandiger. Bij de operatie wordt de haarnestcyste verwijderd. De operatie duurt ongeveer een half uur tot drie kwartier. Afhankelijk van de uitgebreidheid van de aandoening en de mate van ontsteking zal worden besloten hoe de operatiewond wordt verzorgd. Deze kan opengelaten worden of soms geheel of gedeeltelijk worden gesloten. Bij het openlaten van de wond wordt na de operatie soms een “zuigverband” aangelegd (VAC-verband).

Mogelijke complicaties

Geen enkele operatie is zonder risico’s. Zo is ook bij deze operatie de normale kans op complicaties aanwezig, zoals nabloeding of wondinfectie. Omdat de wond vaak wordt opengelaten, kan die wat bloederig nalekken. Bij een flinke nabloeding moet u contact opnemen met het ziekenhuis. Als de wond wordt opengelaten komen wondinfecties niet of nauwelijks voor. De wond moet vanzelf genezen en dit kan een aantal weken duren.

Na de operatie

Vanwege de plaats van de wond kunt u de eerste dagen na de operatie problemen verwachten, zoals pijnklachten, vooral bij zitten en op de rug liggen. Milde pijnstillers (bijvoorbeeld Paracetamol) kunnen de pijn verlichten. Deze zijn te koop bij apotheek en drogist en het is raadzaam om voor de ingreep al vast deze pijnstillers in huis te hebben.

De nabehandeling

Vanaf de dag na de operatie mag u de wond twee maal per dag onder de douche uitspoelen, waarna u de wond met een gaasje kunt droogdeppen. Vervolgens bedekt u de wond met een verband. De verpleegkundige zal u instrueren hoe u dit het beste zelf kunt doen. Wanneer de wond open is, zal de verpleegkundige na het douchen de wondzorg verrichten. Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u een recept voor de aanschaf van verbandmiddelen.

Ontslag

Bij ontslag krijgt u een afspraak mee voor de poliklinische controle. Wanneer speciale thuishulp (gezinszorg of wijkverpleging) nodig is, regelen we die vanuit het ziekenhuis.

Verzorging thuis

Het is belangrijk om in het vervolg het gebied te ontharen en te zorgen voor een extra hygiëne. Hiermee kunt u herhaling van de aandoening voorkomen.

Vragen

Heeft u nog vragen, stel ze gerust aan uw behandelend arts of huisarts. Bij dringende vragen of problemen vóór uw behandeling kunt u zich het beste wenden tot de afdeling waar de behandeling plaats moet vinden, verpleegafdeling B1, telefoon 0115 – 688581

Wanneer zich thuis na de operatie problemen gerelateerd aan de behandeling voordoen, neem dan contact op met het ziekenhuis:

  • Op maandag tot en met vrijdag tussen 08.30 en 16.30 uur de polikliniek Chirurgie, telefoon 0115 – 688423.
  • Zo nodig kunt u buiten deze tijden bellen met het Avond, Nacht en Weekend Hoofd Telefoon 0115 – 688156